06 - 123 90 746 Otto Copesstraat 83, 5213 GK 's-Hertogenbosch
Maandag, 11. Maart 2019

Het verloop in de zorg is gigantisch.

Hoe houd je verpleegkundigen binnenboord?

Bron: Redactioneel/Volkskrant/GGZ Nederland.

Hoe houd je zorgpersoneel – en dan met name verpleegkundigen – binnenboord, in deze tijden van schreeuwende tekorten? Bij de ziekenhuizen Tergooi en GGZ Delfland denken ze het antwoord te hebben.

Wie van onheilspellende cijfers houdt, kan zich elke dag verkneukelen over de arbeidsmarktproblematiek in de zorg. 125.000 mensen zijn er extra nodig, alleen al in de ouderenzorg. In de tweede helft van 2018 tikte het aantal openstaande vacatures in de zorg de 31 duizend aan, en als we de demografie z’n gang laten gaan, moet straks één op de vier werkenden als zorgverlener aan de slag om aan de toenemende vraag te kunnen voldoen.

Geen wonder dus dat het kabinet een indrukwekkende batterij aan actieplannen, wervingscampagnes en commissies heeft opgetuigd om maar zoveel mogelijk zielen voor de zorg te winnen. Daarbij is er echter wel een joekel van een probleem, concludeerde de commissie Werken in de Zorg afgelopen december: de zorgsector is zo lek als een vergiet. ‘Met de kraan open gaat er veel ‘water’ in, maar een groot deel daarvan loopt er echter razendsnel weer uit.’ In 2017, schrijft de commissie, verliet bijna één op de vijf zorgmedewerkers hun werkgever, ruim 8 procent verliet de zorg zelfs helemaal. De oorzaken zijn gevat in een deprimerend rijtje: hoge werkdruk, last van administratieve taken, onvoldoende werksfeer, onvoldoende professionele trots, niet zelfstandig kunnen werken, onvoldoende flexibiliteit, continuïteit, professionele ontwikkeling, begeleiding op het werk en salaris.

Dat roept de vraag op: wat kan een werkgever doen om zorgpersoneel – en dan met name verpleegkundigen – binnenboord te houden? Bij GGZ Delfland met locaties in de regio’s Haaglanden en Rijnmond en bij het ziekenhuis Tergooi in Hilversum en Blaricum zijn ze er de afgelopen jaren in geslaagd het verloop in toom te houden. Het programma ‘Excellente zorg’ - een initiatief van beroepsvereniging V&VN - moet de verpleegkundige meer voldoening geven in haar werk.

1. Begin met een nul-meting en pak de problemen aan:

Een fusie, een recessie die erin had gehakt, het ziekenhuis negatief in het nieuws: de werksfeer in Tergooi hing er drie jaar geleden niet lekker bij. Het was het moment dat Janet Bloemhof en Jeannette Knol, beide verpleegkundigen die zich universitair hebben geschoold, en die zich in Tergooi ook beleidsmatig met de verpleegkunde bezighouden, besloten hun collega’s te bevragen. ‘De verpleegkundigen waren maar matig tevreden met hun werk, er waren weinig opleidingsmogelijkheden, en de zeggenschap van verpleegkundigen kon beter’, bleek uit het onderzoek, zegt Bloemhof.

Met die data in de hand konden Bloemhof en Knol de raad van bestuur van het ziekenhuis laten zien: kijk, hier moet iets veranderen, we moeten de signalen van deze 800 zo belangrijke verpleegkundigen serieus nemen.

Door de enquête werd duidelijk zichtbaar dat de belemmeringen voor verpleegkundigen om goede zorg te verlenen per afdeling verschillend waren. ‘Dan kun je per afdeling gaan inzoomen’, zegt Knol. De ene afdeling ervoer te weinig steun van de leidinggevende, de andere een cultuur waarin te weinig oog was voor de patiënt. ‘Op die afdeling kwam een verpleegkundige met het idee elke ochtend met elke patiënt in elk geval vijf minuten de rest van de dag door te nemen. Dat geeft de verpleegkundige houvast en patiënten waarderen het. We merken zelfs dat patiënten minder een beroep doen op verpleegkundigen, omdat ze alle aandacht hebben gehad en al hun vragen hebben kunnen stellen.’

Ook bij GGZ Delfland, een organisatie met 1.100 werknemers, deden ze zo’n onderzoek. Ook daar bleek: per afdeling spelen verschillende, maar oplosbare problemen, vertelt Marleen van der Brugge, projectleider Excellente zorg van de instelling. ‘Verpleegkundigen hebben soms te maken met moeilijke situaties. Bijvoorbeeld: een patiënt wil naar buiten rennen om zich te suïcideren en wordt tegen gehouden door een verpleegkundige. Vervolgens dient de patiënt een klacht tegen de verpleegkundige in: zij heeft aan mijn arm getrokken. Als een zorgmedewerker dan niet weet hoe zij beschermd wordt en wat haar rechten zijn, dan kan dat een onveilig gevoel geven. Het team heeft uitgezocht wat de rechten van medewerkers zijn, en weet nu waar ze aan toe zijn in dit soort situaties. ‘

2. Gun mensen hun eigen initiatief:

Wat je als zorgorganisatie vooral níet moet doen, zegt Van der Brugge, is ‘vanuit een bijgebouw’ mensen vertellen hoe ze hun werk moeten doen. ‘Dat weten ze zelf namelijk heel goed.’

Wat je als leiding vooral wel moet doen, is het geven van duidelijkheid, zegt Iris Bandhoe, psychiater en bestuurder van GGZ Delfland. ‘Iedereen moet weten in welke vorm we welke behandelingen leveren. En natuurlijk weten afdelingen hoeveel uren ze productief moeten zijn en hoeveel patiënten ze moeten zien. Maar daarnaast blijft er tijd over en dan kun je zeggen: kom maar op met die ideeën, voer die uit, onderzoek ze, en als ze goed zijn, gaan ze mee in het nieuwe meerjarenplan.’

Ze geeft als voorbeeld: op de detoxkliniek schoven de patiënten vroeger rond etenstijd aan tafel aan en kregen dan hun eten opgeschept. Nu beheren zij zelf het budget, doen de boodschappen en bereiden het eten. Belangrijke stappen, voor hun herstel is gezond eten extra belangrijk en het helpt hun ook op weg in het zelfstandig functioneren in de maatschappij.

Een idee van de verpleegkundigen zelf. Daar moet dus wel echt ruimte voor zijn, zegt Bandhoe. ‘Als je mensen wilt démotiveren, dan moet je ze zeggen dat ze mogen meedenken, om vervolgens al hun ideeën af te schieten omdat het beleid nou eenmaal al is bepaald.’

De hoge werkdruk en de toegenomen complexiteit van patiëntenzorg maken het organisatorisch nog eens extra lastig te regelen dat verpleegkundigen aan dit soort initiatieven en onderzoeken toekomen. Toch is ‘die scharreltijd om je te verdiepen’, zoals Knol uit Tergooi het noemt, ‘ontzettend belangrijk’.

3. Maak de verpleegkundige trots:

Tot twee jaar geleden kende Tergooi nog een VAR, een Verpleegkundige Advies Raad. Tegenwoordig is de A ertussenuit: Verpleegkundige Raad. Dat is meer dan een kwestie van semantiek, het laat zien dat de verpleegkundigen een plek in de organisatie opeisen. ‘Daarmee zeggen we: dit is ons vák, wij zijn professionals, ook wij hebben belangrijke stem’, zegt Knol.

De verpleegkundige moet af van het calimero-effect en ze moet uit haar schulp kruipen, vindt Knol, ‘een verpleegkundige is zoveel meer dan een paar handen aan het bed’. Dat maakt het vak extra aantrekkelijk, en ook hier mee bezig zijn houdt mensen langer op hun plek.

Daarbij is het essentieel dat ook de opleidings- en carrièremogelijkheden worden uitgebreid. Tot voor kort waren die er beperkt in Tergooi, behalve de geijkte specialisaties tot intensive care-, spoedeisende hulp- of kinderverpleegkundige. Nu zijn er verpleegkundige masters, verpleegkundige leiders, verpleegkundige mentors en leermeesters klinisch redeneren.

En bij die professionalisering van het beroep, hoort ook een nieuwe status: als artsen de wereld overvliegen voor congressen, waarom mogen verpleegkundigen dan niet op werkbezoek bij een zusterziekenhuis in Chicago om te leren hoe je als verpleegkundige voor jezelf opkomt, dachten ze in Tergooi. Bij GGZ Delfland is op staf- en bestuursniveau een verpleegkundige toegevoegd, maar nog veel veelzeggender: ook op de werkvloer zijn ‘muren afgebroken’, zegt bestuurder Bandhoe. ‘Verpleegkundigen beslissen nu mee over het zorgbeleid van een patiënt. Dat was zeker niet de standaard.’

De communicatie met artsen is enorm veranderd, zegt ook Bloemhof in het Tergooi. ‘Niemand belt meer de arts met de vraag: de patiënt voelt zich niet goed, wat moet ik doen? Nee, de verpleegkundige meldt de symptomen, de achtergrond, haar inschatting en doet een voorstel tot behandeling. Voorheen zaten we op de reservebank, nu zijn we actieve spelers geworden.’

► Personeelstekort in de zorg - BNR Beter:

Meer nieuws vandaag:

Afgelopen week:

Goedenavond

HN heeft de ANBI-status:

IBAN: NL09RABO0158802764

[Kijk hier voor alle mogelijkheden]

HN-nieuwsbrief maart 2019

Handicap Nationaal

Otto Copesstraat 83

5213 GK 's-Hertogenbosch

Telefoon: 06 - 123 90 746

Fax: 073 - 850 81 88

E-mail: info@handicapnationaal.nl

IBAN: NL09RABO0158802764

KvK Nummer: 51372266

RSIN Nummer: 823247521

GeefGratis Nummer: 5105

website security

Onze website maakt gebruik van cookies: Wij plaatsen cookies om het gebruik van de website te analyseren en om het mogelijk te maken inhoud via social media te delen. De website maakt ook gebruik van functies van derden die mogelijk cookies kunnen plaatsen. Door op [OK] te klikken of gebruik te blijven maken van de site stemt u in met het plaatsen hiervan. In onze disclaimer/privacybeleid leest u hier meer over.